De internet-browser die je gebruikt wordt niet langer ondersteund

Dit betekent o.a. dat je geen diensten kunt bestellen. Start met een andere browser of neem contact op met onze klantenservice. Browsers die we aanraden zijn Chrome, Edge, Firefox of Brave.

Kruimelpad

Artikel

24 juli 2026

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) publiceerde op 4 juni 2026 de analyse Aandacht voor de risicogebaseerde benadering van PEPs bij cliëntenonderzoek blijft belangrijk.[^1] De analyse is gebaseerd op een thematisch onderzoek bij drie beleggingsinstellingen, twee beleggingsondernemingen en negen financieel dienstverleners die bemiddelen in levensverzekeringen of gebruikmaken van het nationaal regime.[^1] Daarmee raakt deze publicatie direct aan de praktijk van professionals buiten het bankwezen, terwijl het gesprek over PEP-beleid in de sector nog vaak vanuit een bancair perspectief wordt gevoerd.

Niet elke PEP is hetzelfde
Een politiek prominente persoon (PEP) is niet automatisch een hoog-risicocliënt. De Wwft schrijft voor dat een onderneming moet kunnen vaststellen of een cliënt of de UBO een PEP is, en dat er in dat geval aanvullende, risicogebaseerde maatregelen worden getroffen.[^1] De AFM constateert dat dit onderscheid in de praktijk onvoldoende wordt gemaakt: ondernemingen nemen weliswaar aanvullende maatregelen, maar kijken daarbij niet altijd naar het specifieke risico van de individuele PEP.[^1] Het gevolg is een generieke behandeling, terwijl juist maatwerk vereist is.

Een ander punt dat de AFM signaleert, is het gebruik van nationaliteit als zelfstandig risicocriterium. Dit kan leiden tot ongerechtvaardigd onderscheid en daarmee tot een discriminatierisico.[^1] Ook hier geldt: het corruptieniveau van een land is een relevante risico-indicator, maar nationaliteit op zichzelf is dat niet.

Een lijn die breder zichtbaar is dan alleen dit onderzoek
De AFM plaatst haar bevindingen nadrukkelijk naast twee andere recente publicaties. De Nederlandsche Bank concludeerde in Proportionaliteit in Perspectief dat een te strikte, niet-gedifferentieerde toepassing van de Wwft tot onnodige klantbelasting kan leiden, ook bij PEPs met een laag risicoprofiel.[^2] Het ministerie van Financiën bracht in dezelfde periode een informatiebrochure over PEPs uit, gericht op zowel de poortwachters als de PEPs zelf, waarin eveneens een risicogebaseerde blik centraal staat.[^3] Dat drie verschillende partijen — toezichthouder, centrale bank en ministerie — vrijwel gelijktijdig tot dezelfde conclusie komen, onderstreept dat dit geen incidentele bevinding is, maar een structureel aandachtspunt in de sector.

Voor de bancaire sector bestaat er inmiddels een NVB-standaard die richting geeft aan een risicogebaseerde PEP-beoordeling.[^4] Deze standaard is een nuttig referentiepunt, maar is in de kern geschreven vanuit een bancair vertrekpunt. De onderliggende methodiek — risicofactoren wegen in plaats van een status automatisch gelijkstellen aan hoog risico — is echter evengoed toepasbaar voor beleggingsinstellingen, beleggingsondernemingen en verzekeringsbemiddelaars, precies de partijen die in het AFM-onderzoek centraal stonden.

Waar het vaak misgaat: begrip, uitbesteding en vastlegging
Naast de risicoclassificatie zelf signaleert de AFM drie terugkerende knelpunten:

  • Een eenduidig PEP-begrip ontbreekt soms. Onjuiste of verouderde screeningslijsten leiden dan tot een foutieve vaststelling van de PEP-status, en beleid en uitvoering blijken niet altijd op elkaar aan te sluiten.[^1]
  • Uitbesteding aan een extern bureau of tooling ontslaat een onderneming niet van haar eigen verantwoordelijkheid. De AFM ziet dat de rol van externe partijen, gebruikte definities en de wijze van doorlopende monitoring niet altijd goed zijn vastgelegd. Ook signaleert de AFM dat tooling niet altijd tijdig wijzigingen in de PEP-status opmerkt, bijvoorbeeld na verkiezingen.[^1]
  • Vastlegging is onvoldoende herleidbaar. Hierdoor is voor een toezichthouder niet altijd inzichtelijk welke maatregelen zijn genomen en op basis van welke gegevens.[^1]

De opleidingscomponent is een expliciet aandachtspunt
Wat in deze analyse bijzonder relevant is voor de praktijk van cliëntenonderzoek: de AFM constateert dat het beleid van een aantal ondernemingen verwijst naar het Wft-adviesdiploma als opleiding over het PEP-begrip, terwijl dit niet altijd toereikend is.[^1] Medewerkers die verantwoordelijk zijn voor cliëntenonderzoek hebben behoefte aan opleiding die specifiek is toegesneden op het identificeren, beoordelen en monitoren van PEPs, aansluitend bij hun functie binnen de onderneming.

Dat is precies de kennis waarop de CDD-opleidingen van NCI zijn gericht: van een eerste kennismaking met het PEP-begrip en de risicogebaseerde beoordeling ervan, tot verdieping in de praktische toepassing binnen het cliëntenonderzoek. Voor eerstelijns- en tweedelijnsprofessionals bij beleggingsinstellingen, beleggingsondernemingen en verzekeringsbemiddelaars — niet alleen bij banken — biedt dit een directe aanknoping met de bevindingen van de AFM.

Sluit deze kennis aan bij uw team?
CDD Introductie e-learning (basis)
CDD Introductie e-learning (verdieping)
Opleiding tot CDD-professional

Voetnoten
[^1]: AFM, Aandacht voor de risicogebaseerde benadering van PEPs bij cliëntenonderzoek blijft belangrijk, juni 2026, https://www.afm.nl/nl-nl/sector/actueel/2026/jun/sb-aandacht-risicobenadering-peps.
[^2]: De Nederlandsche Bank, Proportionaliteit in Perspectief. Meer maatwerk mogelijk bij proportionele toepassing Wwft, 17 december 2025, https://www.dnb.nl/nieuws-voor-de-sector/toezicht-2025/q4/proportionaliteit-in-perspectief-meer-maatwerk-mogelijk-bij-proportionele-toepassing-wwft/.
[^3]: Ministerie van Financiën, Informatiebrochure Politiek Prominente Personen (PEP's), aangeboden aan de Tweede Kamer op 3 november 2025, https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2025/11/03/informatiebrochure-voor-politiek-prominente-personen.
[^4]: Nederlandse Vereniging van Banken, Risicogebaseerde Standaard Politiek Prominente Personen (PEPs), https://www.nvb.nl/media/krskmsnr/nvb-risicogebaseerde-standaard-peps_nl.pdf.

Geschreven door Sjoerd van Dijk